Als eilandschrijver zorg je dat je gehoord wordt

09.21 am, Washington Slagbaai National Park

Ik heb net de enige schrijver op het eiland ontmoet. Een excentrieke man met een shirt waar ‘chef ranger‘ op staat en een baard zoals de kerstman in tekenfilms heeft. Hij is hier geboren en houdt zich al veertig jaar bezig met de toekomst van het eiland.

 Hij vertelt over alles wat er mis is op het eiland, en hoe het volgens hem beter kan. Uit zijn woorden blijkt dat hij veel weet, dus stellen we vragen. Over het toerisme, waarop hij vertelt hoe afhankelijk het eiland daarvan is. Over de slavernij, lokale producten en natuurrampen.

‘De orkanen komen terug. En daar is het eiland niet op voorbereid. Heel Kralendijk zal overstromen!’ Zijn stem klinkt trots wanneer hij over Bonaire praat, maar tegelijkertijd is hij bezorgd. Daarom onderzoekt hij de historie van Bonaire en schrijft er een boek over in de hoop anderen te overtuigen.

Verrassend genoeg geeft hij aan dat hij de enige op het eiland is die zich er druk om maakt. ‘De regering wil geen onrust. Daarom moet ik mijn mond houden.’ Hij plukt aan zijn baard en zijn ogen lijken iets van hun glans te verliezen. ‘Maar,’ gaat hij verder, ‘dat doe ik niet, want ik schrijf erover.’

Zijn verhaal is het enige dat je nodig hebt om te gaan schrijven. Heb je iets te zeggen, dan zorg je dat je gehoord wordt. Door erover te bloggen of, wanneer je op een eiland met waardeloze internetverbinding zit, een boek te schrijven.

Zelfs als je de enige bent.

Dit artikel maakt deel uit van de serie over het Caraïbische schrijversleven, waarin ik op zoek ga naar schrijfgewoontes in het buitenland en wat het schrijversleven daar anders maakt.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.