Iedereen wil creatieve vrijheid, maar die moet je wel kunnen begrenzen

Toen ik een jaar of twaalf was, mocht ik van mijn ouders kiezen. Mijn verjaardag kwam dichterbij en ik mocht meebeslissen over het cadeau. Wilde ik dat ze meebetaalden aan een spelcomputer of een keyboard? Ik koos voor het tweede. Vanaf het moment dat ik voor het eerst op het instrument speelde, hield ik ervan. Avonden zat ik op het zwarte krukje te oefenen, of liever gezegd: lukraak toetsen in te drukken. Maar als je er niets van kunt, is die liefde snel afgelopen.

[heading margin_top=”14″]Niemand hoefde me te vertellen welk liedje ik moest spelen[/heading]

Daarom kreeg ik elke dinsdagavond les van ene Rebecca. Ze legde me geduldig uit hoe ik Vader Jacob moest spelen. Toen ik na een paar maanden nog steeds alleen dat liedje kon spelen, was ik het zat. Ik wilde creatieve vrijheid, niemand die me vertelde welk kinderliedje ik moest leren. Ik zou het zelf wel doen. Rebecca verdween en ik zette mezelf achter het keyboard. Veel verder dan het geluid van de bliksem nadoen en meespelen met demo’s kwam ik niet.

Het probleem met creatieve vrijheid is dat je die dan wel zelf moet kunnen begrenzen.

Je moet een bepaalde mate van discipline bezitten om met die vrijheid om te kunnen gaan. Volledige vrijheid is geen vrijheid, maar een verlamming. Ik kon dat toen niet, dus verdween het keyboard na veel frustratie en ongeduld in de logeerkamer. Niemand keek er meer naar om.

Het grappige is: je kunt wel zeggen dat je jezelf achter het keyboard zet, maar dat is niet zo. Dat doe jij niet, maar een held die je inspireerde. Schrijvers beginnen met schrijven na het lezen van een fantastisch boek, jongensbandjes ontstaan na het zien van rock-‘n’-rolllegendes op televisie en bloggers zien het licht na het volgen van andere blogs. Vloggers laten zien dat ieders leven interessant kan zijn en Jett Rebel laat zien dat je als jongen best nagellak mag dragen.

[heading margin_top=”14″]Helden inspireren je en laten zien dat zelfstudie werkt[/heading]

Toen ik twaalf was, miste ik dat. Zo’n held die ervoor kon zorgen dat ik zin kreeg in eindeloos pingelen. Inmiddels heb ik er een gevonden. Ik ben gefascineerd door de muzikaliteit van Jelte Tuinstra (beter bekend als Jett Rebel) en specifiek de vele instrumenten die hij kan bespelen. De klanken die hij uit een keyboard haalt. Daardoor denk ik er nu, na jaren, over om weer keyboard te leren spelen. Niet door een nieuwe Rebecca te zoeken, maar door zelfstudie.

Het mooie is dat je door je helden ontdekt dat zelfstudie kan werken. Jett Rebel stopte met zijn opleiding aan het conservatorium, sommige fotografen stoppen met de kunstacademie en schrijvers komen echt niet allemaal voort uit creatieve schrijfopleidingen. Je kunt jezelf met veel toewijding, tijd en geduld ergens goed in maken. Alleen ben je dan ook je grootste vijand.

Als je creatieve vrijheid nastreeft maar er niet mee om kunt gaan, blijf je eindeloos pingelen. En dat is even leuk, tot je merkt dat je blijft steken en niet verder komt. Dan word je je ervan bewust dat je nog niet bent waar je wilt zijn en bekoelt de liefde. Volgens mij zijn er twee manieren om dat te voorkomen: discipline aanleren of op zoek blijven naar helden die je inspireren.

Ik zet Spotify nog even aan.

Foto door: Femme von Steel

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.