Experiment: hoe vaak check ik m’n smartphone in vijf dagen?

Dat we verslaafd zijn aan onze smartphone weten we inmiddels wel. Kranten schrijven er volop over en op een gemiddeld perron kijkt het merendeel van de reizigers naar beneden, naar het oplichtende schermpje van de onmisbare telefoon. Maar hoe vaak kijk ik er eigenlijk op? Is het echt zo erg als de kranten schrijven? Blogger Karin Ramaker hield haar telefoongebruik een dag bij. Ik besloot het een werkweek lang bij te houden: van maandag tot vrijdag. Want 221 keer per dag mijn smartphone checken, dat haal ik nooit. Toch?

[heading margin_top=”14″]Maandag: 57 keer[/heading]

Als ik wakker word, grijp ik meteen naar mijn telefoon. Wat heb ik ontvangen terwijl ik lag te slapen? Ik scroll door de nieuwste Twitterberichten en kijk een YouTube filmpje. Bij het ontbijt besef ik dat ik al vijf keer mijn telefoon heb gecheckt. Dat gaat sneller dan verwacht. Ik leg hem weg om de krant te lezen en iets later naar het station te fietsen. Als ik op de trein sta te wachten, kijk ik opnieuw. In de trein ook, en bij aankomst op station Hollands Spoor weer. In de hogeschool ga ik in de koffiebar zitten om met studiegenoten aan een project te werken. Een paar uur lang ben ik zo intensief bezig dat ik m’n smartphone helemaal vergeet.

Hoe laat is het eigenlijk? M’n telefoon weet het. Oh, en wanneer vertrekt de trein? Heb ik trouwens nog een antwoord gehad op dat mailtje? In de trein probeer ik om niet te kijken, maar ik doe het toch. Thuis lukt het me om hem een tijdje te laten liggen, af en toe kijk ik even of ik toevallig iets heb ontvangen. En ik stuur een paar tweets. Voor ik naar bed ga, sluit ik met Twitter de dag af. De eindstand: 57 keer.

[heading margin_top=”14″]Dinsdag: 64 keer[/heading]

Mijn ochtendritueel blijft onveranderd, mijn smartphone helpt me trouw om wakker te worden. Vandaag, morgen en donderdag werk ik thuis aan een krant die we met twintig studenten van de minor Pers  & Media maken. Ik ben chef buitenland en selecteer vandaag de onderwerpen waar we achtergrondartikelen over schrijven. Na het doornemen van de kranten overleg ik via de WhatsApp met m’n drie redacteuren. Tijdens de lunch verstuur ik een tweet over dit experiment:

Overleg, overleg, overleg. Vandaag check ik mijn smartphone vooral omdat er in de WhatsApp groep druk vergaderd wordt over onderwerpen en invalshoeken. Het verrast me dan ook niet dat de eindstand hoger uitvalt dan maandag: 64 keer. [heading margin_top=”14″]Woensdag: 66 keer[/heading] Ik check de kranten, schrijf artikelen en stuur een aantal onderwerpen voor goedkeuring naar de eindredacteur. M’n redacteuren hebben vragen over hun artikelen waar ik zoveel mogelijk op reageer. Ik plaats even snel een foto op Instagram. Daarna werk ik aan opdrachten voor andere vakken, meld ik mezelf aan als donor en doe ik lang over het schrijven van een blog. Mijn telefoon ligt netjes te wachten naast mijn laptop. Tot nu toe gaat het best goed, ik ben optimistisch. ’s Avonds zakt dat optimisme: er wordt van alles besproken in de WhatsApp groep, dus ik móét even kijken. Ook bekijk ik Twitter. Ik checkte m’n smartphone 66 keer. [heading margin_top=”14″]Donderdag: 70 keer[/heading] Vandaag is de deadline voor het inleveren van de achtergrondartikelen bij de eindredacteur. Één van m’n redacteuren heeft nog steeds geen onderwerp aangeleverd. Ik check mijn telefoon een paar keer om haar te bellen en berichtjes te sturen. Via de WhatsApp groep laat ik een andere redacteur weten dat ik zo feedback op haar artikelen geef. ‘Is het goed dat ik van onderwerp verander? Dit is belangrijker,’ appt ze. ‘Eens, doe maar.’ ’s Middags zit ik in de trein en haal ik uit gewoonte mijn smartphone uit m’n jaszak. Wat wilde ik eigenlijk bekijken? ’s Avonds bel ik de redacteur opnieuw. Ze geeft aan nu bezig te zijn met haar artikelen. Via WhatsApp houdt ze me op de hoogte. Het aantal is omhoog gegaan: 70 keer. [heading margin_top=”14″]Vrijdag: 61 keer[/heading] D-Day. Ik vertrek vroeg naar de hogeschool, want de krant zakt om drie uur en er moet nog van alles gebeuren. Met de andere studenten bepalen we de actuele onderwerpen en het voor- paginanieuws. We schrijven nog wat artikelen. Af en toe zoek ik informatie op. Iemand die een advertentie wilde plaatsen, WhatsApp ik een paar keer. Is de advertentie zo goed? Of is dit beter? Als alles geredigeerd is, stuur ik het naar de vormgevers. Om drie uur bekijken we het voorlopige resultaat. Nog niet alle artikelen staan erin, maar de vormgeving maakt hem verder af. Ik stuur drie tweets de wereld in. De eindstand: 61 keer.

[heading margin_top=”14″]Dus, hoe vaak check ik gemiddeld mijn smartphone?[/heading]

Vijf dagen lang hield ik mijn telefoongebruik bij. Hoe vaak check ik m’n telefoon en wat doe ik dan eigenlijk? Gemiddeld check ik m’n telefoon 64 keer per dag. Minder vaak dan de gemiddelde gebruiker dus. Ik checkte m’n smartphone het vaakst op momenten waarop ik iets wilde uitstellen (schrijven), uit gewoonte of wanneer ik me verveelde (in de trein). Vooral Twitter en WhatsApp zijn dan populair. Ook kijk ik blijkbaar vaak zonder te weten wat ik precies zoek.

Leuk, die feitjes, maar wat leerde ik ervan? Ik checkte mijn telefoon het minst toen ik ‘m op stil had staan. Dat waren maandag en vrijdag, omdat ik een groot deel van de dag niet thuis was. Wanneer ik grotendeels thuis ben, staat het geluid aan en ontvang ik dus meldingen. Als ik me niet mag laten afleiden, moet ik het geluid uitzetten én de telefoon niet naast m’n laptop neerleggen. Door dit experiment weet ik dat ik geen 221 keer per dag op mijn telefoon kijk, maar 64 keer vind ik nog steeds behoorlijk veel.

Nu de smartphone aan onze handen vastgeplakt zit, is het goed is om soms zo’n experiment te doen. Je staat even stil bij je telefoongebruik en komt erachter wat je aandacht opeist. Van de Twitter app neem ik geen afscheid, maar ik zal mijn telefoon vaker op stil zetten. Beloofd.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • ALovelyEncouragement

    Wat een goed experiment zeg! Ik was ‘m nog niet eerder tegen gekomen, maar wat goed zeg! Meten is weten, zeggen ze dan, en bijhouden maakt bewust. Misschien dat ik me er ook eens aan ga wagen, als ik durf 😉