We doen alles een beetje, maar vind je dan wel de voldoening die je zoekt?

‘Ik had nog een boekcontract, maar daar kwam niks uit.’ Op de Nacht van de Journalistiek waren niet alleen journalisten en studenten aanwezig, maar ook schrijvers die ‘iets in de journalistiek’ doen. Eentje herkende ik van de achterflap van zijn debuut. Enthousiast vroeg ik of hij al aan een tweede boek bezig was. Dat was niet zo. ‘Het schrijfproces is heel eenzaam. Je sluit jezelf maandenlang op omdat je gelooft in een verhaal. Ik heb geen zin om dat nu opnieuw te doen.’

‘Je verdient er echt niets mee. Leven van je boeken is niet meer haalbaar, maar het is gaaf om het een keer gedaan te hebben.’ Voor een tweede boekcontract bedanken omdat je je niet opnieuw aan zo’n langdurig project wil verbinden. Dat moet je durven, als schrijver. Toegeven dat het eenzaam is. Dat je er niet genoeg mee verdient. Dat je zonder echt goede ideeën zit. Dat je nu in de journalistiek werkt omdat daar nog wel iets te verdienen valt.

‘En jij, schrijf je?’ Het is een vraag die me altijd ongemakkelijk maakt. Ja, ik schrijf, maar niet zo veel als ik zou willen. Als ik eerlijk ben, moet ik bekennen dat ik meer blogposts tik dan aan verhalen werk. Laat staan aan een langer project als een roman. ‘Waarom?’ vroeg hij. ‘Omdat je dan meteen een publiek hebt. Omdat het tussendoor kan, korter is, het sneller voldoening geeft.’ We werden het erover eens dat je schrijven echt voor jezelf doet. In stilte, zonder dat iemand het weet. Je moet dan echt een interessant verhaal hebben, wil je het afmaken.

Mijn generatie wordt vaak verweten dat ze nergens meer echt voor gaat. Ze tekent wel petities, maar ze demonstreert niet echt. Ze studeert wel, maar haalt zesjes. Ze sticht wel een gezin, maar vindt het werk belangrijker. Ze stemt wel, maar is niet lid van een politieke partij. Ze leest wel, maar geen literatuur. Ze heeft wel een ideaal, maar streeft het niet na. We doen alles een beetje, deels en half. We zijn over de muren van bestaande hokjes heen gesprongen en breken muren door om zo allerlei hokjes samen te voegen.

Vroeger kon je één ding heel goed doen. Daar kreeg je de ruimte voor. Het hoorde zo. Je kon huismoeder zijn en je op de kinderen richten. Je kon schrijver zijn of filosoof. Nu is de kans groter dat je het allemaal bent. We zitten niet meer in van die overzichtelijke hokjes. Ik ook niet. De schrijver vroeg wat ik na mijn studie wilde gaan doen. Mijn antwoord bestond uit drie dingen: iets met schrijven, iets met journalistiek en iets met communicatie.

De tijd dwingt ons om onze kansen te spreiden.

Maar als een generatie wordt wijsgemaakt dat hokjes onveilig zijn, kunnen we het haar dan kwalijk nemen dat ze nergens meer echt voor durft te gaan?

Ergens op gokken is gevaarlijk. Dat tweede boekcontract aannemen met het risico dat je idee niet interessant genoeg is en je moet afhaken, is gevaarlijk. We horen het overal om ons heen. Schrijf maar niet, want dat verdient slecht. Studeer geen journalistiek, want de media bezuinigen. Maak maar geen muziek, want je valt niet op. We zijn uit onze hokjes verjaagd en soms lijkt het alsof we niet meer terug durven. Hokjesdenken is uit, het risico verdelen is veel slimmer.

We willen dat boekcontract wel. We willen wel zeggen: ‘Ik word schrijver’ of ‘Ik word journalist’. We durven het alleen niet, dus doen we drie dingen tegelijk. We studeren een beetje. We schrijven een beetje. We bloggen een beetje. Een beetje, deels en half. Met het risico dat we in geen van alles echt de voldoening en erkenning vinden die we zoeken.

Foto door: Sebastiaan ter Burg

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Je hebt wel een punt. Ik denk inderdaad, als je iets echt goed wilt doen, je het andere even moet uitschakelen. Dat is niet echt makkelijk in deze tijd.

  • Wat een waarheid heb je hier neergezet… Ik ken het ook geheel. Teveel willen, te weinig ergens op focussen.

  • Ik ben al een paar dagen na aan het denken over deze post. Ik weet niet of ik er echt een duidelijk punt van kan maken, maar here goes. 🙂

    Het gaat me een beetje hierom: “De schrijver vroeg wat ik na mijn studie wilde gaan doen. Mijn antwoord bestond uit drie dingen: iets met schrijven, iets met journalistiek en iets met communicatie.”

    Kijk, ik vind dus dat jij dit al doet. Jouw blog posts zijn vaak journalistiek, wat mij betreft. Het is de manier waarop je verschillende bronnen, verschillende inzichten, citaten combineert en er je eigen visie op geeft of juist de vraag bij de lezer neerlegt. En dat je kunt schrijven, lijkt me duidelijk (uit je blog posts). Het enige dat je nog niet gedaan hebt, is een boek uitgegeven bij een traditionele uitgever. Maar dat maakt jou niet minder ‘schrijver’.

    Ik heb zelf twee boeken geschreven en ik blog al bijna drie jaar iedere dag. Ik zie weinig verschil als het aankomt op dat schrijven. OK, die boeken zijn geen romans, geen lijvige pillen. Geen literatuur. Misschien dat ze daarmee niet onder ‘schrijven’ vallen, bedoel ik.

    Ik vind bloggen ook ‘schrijven’, kortom. Een boek schrijven is anders, want je deelt het niet, je houdt het niet tegen het licht via de buitenwereld zoals je doet met een blog.

    Ik vind het daarom lastig als ‘Schrijven’ een grote S krijgt. Ik herken me daar niet in. Ik herken ook niet dat streven naar ‘een boek’. Als je een boek wilt publiceren, publiceer je een boek. Vraag Seth Godin maar. Je hebt als schrijver vaak een beter netwerk dan de uitgever. Niet dat ik niet heel blij ben met mijn uitgever! Door hem krijgen mijn boeken structuur. Niet iedereen lukt het, zo’n boek publiceren, zonder hulp. Ik ben zo iemand.

    Maar ik geloof niet dat een boek de heilige graal van schrijvers is. Ik geloof dat 1) schrijven met voldoening en 2) lezers bereiken met je schrijven het belangrijkste is. In welke vorm dan ook.

  • Jildou

    Wat een geweldig goed geschreven stuk. Je raakt een snaar bij mij. Ik vertrek straks voor vijf maanden naar Helsinki om daar te gaan studeren. Dat moet ik met de volle 100% doen en eigenlijk niet voor 50% om de andere 50% thuis te laten. Ik spring in het diepe met mijn hele lichaam. Mijn benen blijven niet in Nederland staan terwijl ik in het vliegtuig zit met alles boven de gordel.