Henk van Straten: ‘Alsof je een stukje van zijn hersens opeet’

Ik keek met een benauwde blik naar de witte vellen en de blauwe pennen die op de tafels lagen. Terwijl de zaal langzaam vol stroomde met nieuwsgierige en ambitieuze deelnemers aan Write Now 2013, de grootste landelijke schrijfwedstrijd, probeerde ik mijn zenuwen te onderdrukken.

[heading margin_top=”14″]Geloven in liefde voor lezen en literatuur[/heading]

Ik zag voor me hoe Henk straks de opdracht zou uitleggen, waarna wij hem zo goed mogelijk in woorden zouden omzetten. Woorden opschrijven, zinnen vormen in de wetenschap dat we het resultaat straks aan elkaar zouden moeten voorlezen. Ik slikte.

‘Dit is geen workshop,’ begon Henk van Straten toen. De opluchting trok door mijn lichaam, en in gedachten schoof ik de witte vellen zo ver mogelijk bij me vandaan. ‘Ik ben geen leraar, ik weet niet hoe ik een workshop moet geven. En daarnaast geloof ik er niet in.’

Hij leek niet op een schrijver. De tatoeages die zijn lichaam sierden, zijn simpele witte shirt en zijn jongensachtige uitstraling zorgden ervoor dat het beeld van de stoffige, intellectuele schrijver meteen verdween. ‘Ik geloof niet in regels of schrijfcursussen. Wel in liefde voor lezen en literatuur.’

‘Jullie zitten hier omdat jullie willen schrijven,’ ging hij verder. ‘Maar verwacht niet dat je er van kunt leven. 99,9% van alle schrijvers kan niet van zijn schrijverschap leven. Velen zien publiceren als doel, maar eigenlijk begint het dan pas.’ Op zijn twintigste raakte hij voor het eerst echt onder de indruk van een boek.

[heading margin_top=”14″]Voel de drang om ook zoiets te creëren[/heading]

‘Als je een goed boek leest, moet er een snaar geraakt worden, het moet iets in je losmaken. Je moet de drang voelen om zoiets ook te creëren. Anders ben je misschien geen schrijver, dan zit het er gewoon niet in. Je neemt uit elk boek iets mee, wat dan ook.’

‘Alsof je bij de schrijver naar binnen kijkt en een stukje van zijn hersenen opeet.’ Hij was grappig, wat hem nog minder een schrijver maakte. ‘Schrijven bestaat uit talent, gevoel voor taal en ambitie.’

‘Je moet gedisciplineerd zijn, interesse hebben in de grappige en duistere kanten van de mens. En je moet van lezen houden. Je kunt niet zeggen: ‘Ik wil schrijver worden, dus ga ik boeken lezen want dat is ervoor nodig.’ Je kunt geen boek schrijven als je niet van lezen houdt.’

Pennenworkshop

[heading margin_top=”14″]Geef toe dat je het schrijven uitstelt[/heading]

‘Sommige schrijvers zeggen dat ze alleen voor zichzelf schrijven, maar daar geloof ik niet in. Dan kun je het net zo goed in de papierversnipperaar gooien. Je moet ambitie hebben, gelezen willen worden, erkenning zoeken. Uiteindelijk is schrijven gewoon zitten en schrijven.’

‘En eerlijk tegen jezelf zijn. Toegeven dat recensies je kwetsen, en dat je de hond gaat uitlaten omdat je het schrijven uitstelt.’ Hij lachte kort. ‘Er is maar één ding erger dan een slechte recensie, en dat is wanneer er niks over je boek geschreven wordt.’ Zijn laatste tip was dat we het op onze eigen manier moeten doen.

‘Zorg voor een vaste meelezer, niet teveel. Wanneer je veel verschillende meningen krijgt, wil je iedereen tevreden stellen. Die meningen kun je niet allemaal in je stuk verwerken, dan zwak je het stuk af. Het moet juist vonken.’

Vervolgens liep hij zijn, ondanks het ontbreken van een studie, indrukwekkende CV af. Hoe hij daaraan gekomen is? Door te blijven proberen. ‘Probeer, probeer probeer. Schrijf korte verhalen, stuur ze op naar literaire tijdschriften. En sta open voor kritiek, daar groei je van.’

[heading margin_top=”14″]Schrijven is ontzettend moeilijk[/heading]

Aan het einde mochten we vragen stellen. Ik vroeg hem of het echt een moeilijke tijd is voor jonge schrijvers. Of het onverstandig is om eraan te beginnen, of dat er wel plaats is als je goed bent, talent hebt. ‘Je geeft zelf het antwoord al,’ zei hij.

‘Schrijven in deze tijd is moeilijk. Het hangt niet alleen van jezelf af, maar ook van factoren waar je niets aan kunt doen. Zoals het humeur van de redacteur die naar je manuscript kijkt of bijvoorbeeld boekwinkels die jouw boek niet neerleggen.’

Een ander vroeg of hij zijn werk goed vindt tijdens het schrijven. Het ontlokte hem opnieuw een glimlach. ‘Dat geweldige idee dat ervoor zorgt dat je achter de computer gaat zitten, wordt op papier altijd minder goed. Daar hebben alle grote schrijvers last van. En toch moet je ervoor gaan zitten en gewoon beginnen.’

Ik stak mijn hand op. ‘Hoe willen uitgevers je manuscript ontvangen? In zijn geheel, of alleen de eerste tien pagina’s?’ ‘Helemaal,’ antwoordde hij. ‘Een volledig manuscript met een synopsis van anderhalf A4-tje.’ Hij glimlachte. ‘In lettertype Times New Roman, lettergrootte 12 en regelafstand 1,5. Dat is de enige regel die ik aanhoudt.’

 Dit verslag is gebaseerd op een workshop die journalist en schrijver Henk van Straten gaf voorafgaand aan de uitreiking van Write Now! 2013

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.