Kranten weten niet wat hun lezers willen

 

Wanneer ik een vrij moment heb, vind ik het heerlijk om het web af te struinen, op zoek naar rake citaten. Uitspraken van inmiddels overleden mensen met een afwijkende visie worden vaak aan- gehaald, maar nog vaker vergeten. Daarom zoek ik ze op. Toen ik laatst stond te verkleumen op een verlaten treinstation, ontdekte ik een beroemd citaat van autofabrikant Henry Ford. ‘If I’d asked my customers what they wanted, they would have said a faster horse.’

Terwijl ik in mijn handen wreef en luisterde naar de monotone stem die omriep dat de trein nog een halfuur op zich liet wachten, raakte ik overtuigd dat er geen treffender citaat is om het probleem bij kranten duidelijk te maken. Kwaliteitskranten gebruiken verschillende excuses voor het ontbreken van echt kwaliteitsnieuws en het steeds meer verslaan van sensatienieuws. De meest gehoorde is ongetwijfeld dat ze zich daarop richten omdat ‘de lezer het wil’. En omdat ze afhankelijk zijn van hun oplagecijfers en dus hun abonnees, geven ze hen wat ze willen. In een stuk op de website van de Volkskrant werden sensationele koppen zelfs noodzakelijk genoemd, ‘om de aandacht van de lezer vast te houden’. Daar gaat het fout. Kranten impliceren te weten wat hun lezer wil, maar in werkelijkheid hebben ze geen idee. De lezer weet het zelf niet eens. Daarom moeten kranten lef tonen.

Als Rob Wijnberg van tevoren had gevraagd of zijn idee zou gaan werken, was hij ongetwijfeld uitgelachen. ‘Onderzoeksjournalistiek op het internet waar je voor moet betalen? Doe normaal, informatie is gratis.’ Of, een iets klassieker voorbeeld, Albert Einstein. Hij werd in zijn tijd belachelijk gemaakt om verschillende door hem bedachte theorieën. Uiteindelijk werden ze omarmd en was Einstein ineens niet meer belachelijk, maar geniaal. Kranten moeten zich niet bezighouden met wat de consument op dit moment denkt te willen, maar zelf met iets nieuws komen. Innoveren op een manier dat ze consumenten in hun toekomstige behoefte gaan voorzien voor die consumenten zelf van het bestaan van die behoefte afweten.

Geen vernieuwend beeld

 

Als kranten hun lezers vragen wat ze willen, iets wat Henry Ford weigerde, zullen ze eigenschappen en ideeën noemen die al bekend zijn. Minder oppervlakkige sportverslaggeving, tabloid-formaat, meer cultuur, transparantie, mooier beeld en toch zullen ze blijven klagen. Ze gaan namelijk uit van concepten die ze al kennen, simpelweg omdat ze geen idee hebben welke andere mogelijkheden er zijn. Als de krant hierin meegaat, zal ze nooit vernieuwend worden. Daarom moet ze meer zijn zoals Henry Ford. Hij was een van de eersten die van paarden op auto’s overstapte. Hij klaagde niet dat hij geen manier had om paarden sneller te laten lopen, maar bedacht een nieuwe manier van vervoer. Een risico, een uitdaging, maar wel één die een revolutie ontketende.

Kranten moeten bereid zijn om dat soort risico’s te nemen. Om vernieuwende ideeën een kans te geven, van oude idealen af te stappen en buiten de bestaande mogelijkheden te denken of die in ieder geval ten volle benutten. Niet klagen over ontlezing, ongeïnteresseerde jongeren of het vijandige internet, maar met oplossingen komen en ons journalistiek voorschotelen die we niet eerder mogelijk achtten. Ik ben benieuwd welke papieren krant het voortouw neemt en haar lezers net zo enthousiast weet te krijgen voor een idee als Rob Wijnberg voor het zijne. Dat toont pas lef.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.