Hoe krekels alle twijfels over je schrijverschap wegnemen

Vroeger had ik een klein, langwerpig doosje met daarin twee krekels. Nepkrekels, die tjirpten wanneer ik het doosje opende en zich stilhielden wanneer ik het sloot. ‘Niet te vaak opendoen,’ zei mijn moeder toen ze het aan me gaf. ‘Dan worden ze voor altijd stil, gaat de ziel eruit.’ En dus zette ik het doosje braaf op een hoge plank zodat ik er niet te vaak aan zou zitten. Uiteindelijk kreeg ze gelijk: op een dag tjirpten de krekels niet toen ik het doosje opende. Ze hadden teveel licht gekregen, het mechaniekje dat erachter zat werkte niet meer.

[heading margin_top=”14″]Krekels tjirpen zelfs in doodsangst[/heading]

Toen vond ik dat heel jammer, omdat het geluid van krekels heel sereen is. Ontspannen, ritmisch. Hun geluid voert je mee naar vakanties in Frankrijk waar je ze ’s avonds wel hoorde, maar nooit zag. De eerste keer dat ik ze in het echt zag, zaten ze in een doosje. ‘Krekels maat 6’ stond erop, daarnaast het logo van de lokale dierenwinkel. Ze stonden op de trap, wachtend tot mijn broertje ze mee naar boven zou nemen. Hij voert ze aan zijn gekko’s.

Soms kom ik de krekels tegen in de badkamer. Dan is het diertje uit het terrarium en dus aan de dood ontsnapt. Een moedige prestatie, maar na mijn gil belandt hij uiteindelijk toch weer op die dodelijke plek. De manier waarop de krekels met maat 6 aan hun einde komen is best wreed. Ze worden met een pincet in het terrarium neergezet, waar ze vogelvrij zijn en in een enkele hap opgeslokt worden door de reptielen. Als je erbij staat, hoor je de krekel kraken.

Met anderen loopt het beter af. Zij weten zich te verstoppen en sterven uiteindelijk aan hongersnood of gebrek aan water. Misschien wel allebei. Laatst liep ik middenin de nacht over de overloop naar het toilet. Toen ik bij de toiletdeur stond, hoorde ik het ineens. Het tjirpen van krekels. Het bleek uit de kamer van mijn broertje te komen. De krekels verstopten zich in het terrarium en hoewel ik ze niet kon zien, hoorde ik ze wel.

[heading margin_top=”14″]Schrijvers zijn net krekels: wat ze doen, hoort bij ze[/heading]

Ik bleef een tijdje luisteren, omdat ik het bizar vond dat de diertjes hun serene geluid maakten. Ze leven in de meest onveilige omgeving die ze zich kunnen voorstellen, tussen drie reptielen die hen opeten zodra ze zich laten zien en toch tjirpen ze. Of de krekels nu veilig in Frankrijk in een struik verstopt zitten of bij hongerige gekko’s; ze blijven doen wat ze altijd doen. Tjirpen, hun herkenbare geluid verspreiden.

Het deed me denken aan schrijvers. De meesten zeggen in interviews dat ze altijd al graag schrijven en droomden van een schrijverscarrière. Ik geloof daar ook in. Als je van schrijven houdt, doe je dat nu en deed je dat vroeger waarschijnlijk ook al. Je blijft het doen, net als de krekels. Het hoort bij je, het maakt je herkenbaar. Natuurlijk kun je twijfelen, je afvragen of je jezelf voor de gek houdt. Jezelf wijsmaken dat wat je schrijft eigenlijk heel slecht is en dat het misschien toch niets voor je is. Ik heb ze ook weleens, die twijfels, maar ik geloof ze niet.

Dan denk ik weer aan die krekels die zelfs in doodsangst nog tjirpen. Tjirpen hoort bij de krekels. Schrijven hoort bij mij. Het is een geruststellend idee dat niets dat kan veranderen.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Jaïr

    Leuke analogie, leuk stukje 🙂