Overweeg literaire tijdschriften als podium, want debuteren in Tirade is hip

Als je aan Amsterdam denkt, denk je aan festivals. Als je aan literaire festivals denkt, denk je automatisch aan Amsterdam. Daar gebeurt het allemaal. Toch? Dat dacht ik ook, tot literair tijdschrift Tirade besloot live op te treden in Gouda. Boekhandel Verkaaik heeft ervoor gezorgd dat er t/m 29 maart een pop-up van uitgeverij Van Oorschot is in een voorheen leegstaand hoekpand. Als literatuur figuurlijk bijna voor je deur staat, moet je er natuurlijk heen.

[heading margin_top=”14″]Wat maakt literaire tijdschriften nog zo belangrijk?[/heading]

Tirade is in 1957 opgericht door uitgeverij Van Oorschot en daarmee één van de oudste literaire tijdschriften van Nederland. Ik zal maar meteen eerlijk zijn: ik heb geen abonnement op een literair tijdschrift. Hoe mooi ik ze ook vind, de stapels ongelezen romans die in mijn kamer slingeren zouden me kwaad aankijken als ik nog meer leesvoer in huis haal. In januari zette ik desondanks een eerste stap om mezelf literair te verrijken met literaire krant De Titaan.

Hoewel er in het boekenvak geklaagd wordt over ontlezing, stagnerende verkopen en een generatie die niet langer vanzelfsprekend opgroeit met boeken, blijven de literaire tijdschriften bestaan. Sinds de oprichting van het jonge Das Magazin dat het tijdschrift slim koppelt aan literaire evenementen en boeklanceringen, is het literaire tijdschrift ineens weer hip. Hoe kan dat? Waarom vinden we het literaire tijdschrift nog steeds zo belangrijk?

‘Ik lees vooral poëzie en vrijwel nooit korte verhalen. In Tirade wordt ook proza opgenomen, zodat ik het toch lees,’ legde Lieke Marsman uit. Tijdschriften als Tirade zijn belangrijk omdat ze je blik verruimen. Je leest grote namen en maakt tegelijkertijd kennis met debutanten. En als je geen fan bent van poëzie, kom je toch in aanraking met mooie gedichten. Daarnaast is het een manier om als schrijver ontdekt te worden. ‘Uit betrouwbare bron weten we dat schrijvers die debuteren in Tirade, vaak de volgende dag al gebeld worden door een uitgeverij,’ vertrouwde Martijn Knol ons toe. Een reportage over de middag lees je hier.

[heading margin_top=”14″]Drie tips voor je je verhaal naar een tijdschrift stuurt[/heading]

Verhalen insturen naar tijdschriften in gespannen afwachting of ze het publiceren; het leek me iets van vroeger. Misschien komt het omdat de generaties voor ons ermee opgroeiden en wij ons vooral op nieuwe media hebben gericht. We verslijten onze dagen met Facebook, Twitter, Instagram en bloggen. Niets mis mee, ik moedig het juist aan, maar laten we ook ons best doen om eens aan het literaire tijdschrift als podium te denken.

Mocht je een verhaal willen insturen, dan geef ik je graag deze tips van de redactie mee:

1. Zorg voor een olifantenhuid, want Tirade moet uiteraard kritisch zijn.

2. Zend liever een tekst van 1.500 woorden in dan het dubbele.

3. Lees Tirade een keer, kijk of je verhaal bij het blad past.

Lees jij literaire tijdschriften?

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Ook ik lees nauwelijks literaire tijdschriften. Wel bestel ik af en toe oude (thema-)nummers, van ‘De parelduiker’ bijvoorbeeld. Toevallig heb ik hier de nieuwste ‘Spiegel der Letteren’ liggen, maar daar ben ik nog niet aan toegekomen. Als ik zou mogen kiezen zou ik een abonnement nemen op ‘Liter’, ‘De Gids, ‘Hollands nieuwsblad’ of ‘De revisor’. Of ‘Tirade’ natuurlijk! Nu ik er wat beter over nadenk: waarom lees ik al die mooie de tijdschriften eigenlijk niet..?

    • Linda Rosalinde Markus

      Dank voor je reactie, Inge! Mooie namen noem je op. Sommigen kende ik nog niet, bedankt voor het delen! 🙂
      Enne, ik denk dat ik het antwoord weet: tijdgebrek. Of tenminste, dat is bij mij zo.

  • Lilith_8

    Ik lees ook geen literaire tijdschriften, al zou ik dat ook wel moeten doen. De Brakke hond is er trouwens nog zo-eentje. Een doctor raadde me aan om een stukje tekst in te zenden voor dat tijdschrift. Dat durf ik eigenlijk niet, ook al valt er misschien niets te verliezen.

  • Drs.Ir. Rabin Gangadin, Ph.D

    Het inzenden van werk voor een Nederlands literair tijdschrift is vergelijkbaar met het solliciteren naar een baan bij een Nederlands bedrijf. De kans tot uitnodiging voor een gesprek naar aanleiding van de gepleegde sollicitatie is even groot als die van de opname van het ingezonden werk voor een Nederlands literair tijdschrift. Nederlandse literaire redacteuren hebben enkel vertrouwen in de persoon van de inzender en niet in het geproduceerde werk van betrokkene. Als de persoon OK is zal het werk vast dat ook zijn, denkt en redeneert men. Heel vaak lees ik teksten in de meest gerenommeerde literaire tijdschriften die kwalitatief tegen een mooi opgemaakte sollicitatiebrief aangrenzen dan dat die zouden schitteren vanwege de complexe en geraffineerde opmaak. Zelfs de literaire kritieken beginnen langzaamaan de vorm aan te nemen van recept uit een studentikoos kookboek. Opmerkelijk is dat hoe ruwer , insolenter en onwelvoeglijker de opkomende generatie ook mag zijn,de door hen gebezigde taal lijzig dient te zijn. Het door hen gebezigde taalgebruik moet steeds gecentrifugeerd zijn van samengestelde zinnen en als ruil daarvoor uitgedost zijn in een kleffe smeuïge taal-eenvoud.