Literatuur zoals het bedoeld is volgens Jan Siebelink

 

 

Honderden gezichten staren me aan. Hun ogen kijken, maar zien niets. Dwingen me om terug te kijken, ze in me op te nemen. Want dat verdienen ze. De schrijvers die op de schilderijen in de Nationale Schrijversgalerij prijken, hebben met hun woorden betekenis gegeven aan de Nederlandse literatuur. En ik ben de meeste van hen vergeten. Ik zie de starende ogen die erkenning verwachten, maar herken ze niet.

 

 

 

Ik sta in de Nationale Schrijversgalerij dat deel uitmaakt van het Letterkundig Museum in Den Haag. Eigenlijk kwam ik voor de lezing van Jan Siebelink, benieuwd naar zijn verhaal, hongerig naar de gedachten achter zijn succesvolle boeken. Maar zijn lezing was niet bevredigend. Integendeel, het maakte mijn nieuwsgierigheid groter, zorgde ervoor dat ik meer wilde weten. Daarom loop ik nu door de galerij, op weg naar de wissel-tentoonstelling over Jan Siebelink en het wonder dat hem is geschiedt. Ondertussen geniet ik van de schilderijen.

Sommigen geven het eenzame bestaan van de schrijver weer, terwijl anderen kracht uitstralen of vragen oproepen. Ik heb nog nooit zoveel schilderijen bij elkaar gezien en vind het een bijzondere gedachte me tussen al die verschillende schrijvers te bevinden. Het is een prachtige galerij, waar de kunst van het schrijven gemengd is met de creaties van schilders. Een wonderlijke combinatie die schilderijen heeft voortgebracht waar ik uren naar zou kunnen kijken. Toch trek ik mijn blik los van de kleurrijke kunstwerken, want het is onmogelijk om mijn nieuwsgierigheid naar de tentoonstelling over de schrijver nog langer te bedwingen.

De ruimte waarin de objecten, foto’s en boeken van Jan Siebelink verzameld zijn, is niet zo groot. De muren zijn versierd met prachtige foto’s uit zijn verleden en zijn meest opzienbarende uitspraken. In het midden staan vitrines met daarin brieven van lezers, de fluwelen en gouden versie van zijn succesroman ‘Knielen op een bed violen’, passages uit zijn manuscripten en zelfs zijn diploma. De ruimte mag dan te overzien zijn, de objecten die erin verzameld staan zijn des te waardevoller. Ze zijn niet snel bijeengezocht om de ruimte te vullen, maar zorgvuldig uitgekozen om het verhaal achter de schrijver te vertellen en zijn leven weer te geven. Ik loop langzaam langs de vitrines, bekijk zijn boeken, lees zijn brieven aan uitgevers, en blijf dan staan bij de uitspraken die op de muur geschilderd zijn. Er is een uitspraak die mijn gedachten stilzet, me intrigeert.

”Een aantal nauwelijks opvallende gebeurtenissen en feiten uit de werkelijkheid door de verbeelding en de betovering van de stijl tot iets groots transformeren dat is voor mij literatuur. In mijn romans en verhalen gaat het altijd om gewone mensen, maar door intens licht op hen te laten vallen, komen ze los van de werkelijkheid en worden tot raadselachtige personages. Literatuur hoort mensen bijzonder te maken.”

Het is zijn definitie van literatuur of wat dat zou moeten zijn. Na het lezen ervan heb ik dat intieme kijkje in zijn gedachten waar ik oorspronkelijk voor kwam. Wanneer ik de tentoonstelling verlaat en mijn weg terug vind langs de schilderijen, staren ze me niet meer aan. Ik vraag me af wat de definitie van literatuur volgens al deze honderden schrijvers zou zijn. Of ze het met Jan Siebelink eens zijn, of hun eigen betekenis aan het woord geven. Ik zal het nooit weten, heb alleen het citaat van de vijfenzeventig-jarige schrijver, maar mijn verlangen om meer te weten is bevredigd en mijn honger gestild. Ik zal zijn rake citaat onthouden.

Want dat verdient hij.

Eigen foto.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • hennie van ee

    Goed stuk