Kunstwerken en boeken digitaliseren moet net als minimalisme hip worden

Minimalisme is hip, veel spullen hebben is uit. Ik lees Leo Babauta’s blog over minimalistisch leven en beloof elke herfst plechtig dat ik de helft van mijn kledingkast aan de kringloopwinkel doneer, maar daar blijft het bij. Toch gaan we van een bezitcultuur naar een deelcultuur, lees ik in de kranten. We willen spullen wel gebruiken, maar niet zelf bezitten. Wat als we die deel- cultuur doortrekken naar literatuur en musea?

[heading margin_top=”14″]Wat als ongeïnteresseerde kinderen kunst erven?[/heading]

Musea hebben teveel kunst. Daar kwam ik toen ik door het Gemeentemuseum liep na het bezoeken van de Mark Rothko tentoonstelling. Prachtige vazen en servies van Delftsblauw, tekeningen van vlinders en doodhoofden, Aziatische schilderijen, zilver en kleding; eindeloze zalen vol kunstvoorwerpen die allemaal even de aandacht grepen. Terwijl ik voor een vitrine met een blauwe vaas stond, vroeg ik me af hoelang musea al die voorwerpen nog kunnen bewaren.

Op journalistiek medium De Correspondent verscheen een artikel over met de titel: ’65 kunstobjecten, wat moet je ermee?’ Er zijn zoveel kunstvoorwerpen, schilderijen en andere objecten. Als bezoeker is het mooi om ze eens te bekijken, maar de musea blijven ermee zitten. Kunst van musea komt terecht in opslagruimtes, wordt geveild of gaat naar kunstverzamelaars. Maar definitieve oplossingen zijn er niet, want waar laten we de kunst als de opslagruimtes vol zitten of ongeïnteresseerde kinderen van verzamelaars de kunst erven?

In het artikel wordt het al voorzichtig geopperd: digitalisering. Kunstvoorwerpen digitaliseren en in 3D uitprinten wanneer ze nodig zijn voor een tentoonstelling. Er zal kunst bij blijven komen en op een gegeven moment is er ruimtegebrek. Diezelfde overweging maakte ik zaterdagavond tijdens het Geen Daden Maar Woorden festival in Rotterdam. Het liefst neem ik bij elk literair evenement een boek mee naar huis, maar ik zit met hetzelfde probleem: ruimtegebrek.

[heading margin_top=”14”]Wanneer wordt digitalisering hip?[/heading]

Waar moest ik de boeken laten? Ik heb twee volle boekenkasten, een plank boven m’n bed waar stapels boeken liggen en op mijn bureau liggen zoveel boeken als het IKEA meubelstuk aankan. Het nieuwe boek van Hanna Bervoets en de verhalenbundel van Thomas Heerma van Voss kon ik gesigneerd aanschaffen, maar ik deed het niet. Ik heb er geen ruimte voor, misschien zouden ze in een kartonnen doos ergens achterin een kast verdwijnen en uiteindelijk vergeten worden.

Daarom doe ik sinds kort iets meer aan minimalisme. Niet alleen kleding wegdoen of er blogs over lezen, maar ook boeken digitaliseren. Oftewel: meer boeken als e-book aanschaffen. Op de e-reader, een harde schijf of de computer; voor een digitaal boek is altijd wel ergens ruimte. Het is een beetje vloeken in de kerk, want het papieren boek wordt universeel als fijner en mooier gezien. Maar de tekst, het verhaal, blijft net als bij kunstwerken behouden zonder wezenlijke ruimte in te nemen.

Minimalisme is hip. Wanneer wordt digitalisering dat?

Foto door: Dustin Gaffke

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • En heb je, naast digitaliseren, al wel eens gedacht aan de bibliotheek in plaats van al je boeken kopen? Boeken die je niet meer leest op bol.com of marktplaats zetten? Bookcrossing? Naast digitaliseren is juist die deelcultuur waar je mee begon ook nog steeds – en steeds meer – een optie weet je 😉

    • Linda Rosalinde Markus

      Slim! Ik ben niet meer lid van een bibliotheek. Ik merk toch dat ik boeken graag nog een keer lees of dingen terug wil zoeken in boeken, dus dan zijn e-books (nemen amper ruimte in natuurlijk) echt ideaal. En papieren boeken weggeven, alleen de boeken die je echt geraakt hebben houden bijvoorbeeld. 😉