Schrijfworkshop Raoul de Jong: ‘Als schrijver moet je dicht bij jezelf blijven’

Het is iets na zevenen als de laatste Write Now! deelnemer door de deuren van restaurant BIRD naar binnen loopt en zich bij de schrijfworkshop voegt. ‘Wauw, wat zijn jullie met veel. Ik had tien mensen verwacht,’ bekent Raoul de Jong. Nadat wij ons voorstellen en vertellen waarom we meedoen aan Write Now!, is het zijn beurt om zich te introduceren. Hij vertelt dat hij rond onze leeftijd, op de middelbare school, begon met schrijven. ‘Schrijven was leuk, en het kon overal.’

[heading margin_top=”14″]Raoul: ‘Je moet discipline vinden en stemmetjes negeren'[/heading]

Na de middelbare school wilde hij naar de filmacademie, maar hij werd afgewezen. ‘Toen moest ik geld gaan verdienen, maar ik had geen idee hoe. Iemand bij Spunk.nl, de jongerenwebsite waar ik toen voor schreef, vond dat ik een boek moest schrijven. Geld verdienen lijkt op jullie leeftijd nog niet belangrijk, maar dat komt nog wel,’ belooft hij. Sinds zijn eerste boek schreef hij nog vier andere boeken, voornamelijk over reizen die hij maakte.

‘Zijn er dingen die jullie tegenhouden bij het schrijven?’ In de zaal wordt voorzichtig geknikt. ‘Ik heb dat ook en ik denk dat iedere schrijver dat wel heeft. Voor mij zijn de twee belangrijkste dingen: discipline vinden en de stemmetjes in mijn hoofd negeren.’ We lachen, al is het voor de meeste van ons herkenbaar. ‘Schrijven betekent dat je veel vrijheid hebt, maar dan moet je wel je bed uitkomen en achter je laptop gaan zitten. Dat is soms moeilijk. Voor mij werkt het het beste als ik ’s ochtends, na een douche en een stevig ontbijt, meteen ga schrijven.’

‘Het tweede dat me tegenhoudt, zijn de stemmetjes in mijn hoofd. Geen echte stemmetjes, maar gedachten die je vertellen dat je het niet kunt en dat niemand het wil lezen. Die stemmetjes moet je negeren. Als je schrijft en het lukt niet, is het ook oké. Je moet een bepaalde bril opzetten waardoor jouw verhaal ook voor anderen interessant wordt.’

[heading margin_top=”14″]Creatieve schrijfopdrachten uit een Amerikaans zelfhulpboek[/heading]

Na zijn persoonlijke ervaringen met schrijven, moeten wij aan de slag. ‘Ik las een Amerikaans zelfhulpboek, The artist’s way en hoewel ik het een vreselijk boek vind, heb ik er wel wat aan gehad. Jullie gaan twee opdrachten uit het boek maken.’ We krijgen de volgende opdrachten:

1. Schrijf een brief aan iemand die jou tegenhoudt bij het schrijven/die kritiek op je heeft.

2. Schrijf een brief aan iemand die jou steunt, iemand aan wie je iets hebt gehad.

De eerste brief schrijf ik aan een blogger die ooit een hele blogpost wijdde aan hoe slecht de gastblog was die ik naar een schrijfwebsite instuurde. Het A4’tje is zo vol. De tweede brief schrijf ik aan Murat Isik, de schrijver aan wiens advies en bemoedigende woorden ik heel veel heb gehad. Andere deelnemers schrijven een brief aan de tekst zelf, aan een vriendin die jaloers is of aan een docent die iets afkraakte. Raoul de Jong zelf schreef een brief aan een kennis die hij haatte omdat hij wel tot de filmacademie werd toegelaten.

‘Wat deed je nadat je boek af was?’ vraagt iemand. ‘Ik ging door met schrijven, maar probeerde ook andere dingen te doen. Schrijven is leuk, maar zodra ik er geld mee moest verdienen, voelde het steeds meer als een verplichting. Daarom combineerde ik het met reizen, dan kon ik daarover schrijven. Mijn laatste boek gaat over een voetreis die ik naar Marseille maakte. Ik had die reis kunnen maken zonder erover te schrijven, maar omdat mijn stukken over de reis op de website van NRC verschenen, moest ik spannende dingen meemaken. Ik moest mensen aanspreken, vragen stellen, iets beleven. Schrijven maakte de reis mooier.’

[heading margin_top=”14″]Zijn tip tegen writer’s block: ‘Ga naar buiten, maak een voetreis'[/heading]

‘En hoe kreeg je het voor elkaar om voor NRC te schrijven?’ Hij glimlacht en vertelt hoe hij een mail stuurde aan de redactie met de vraag of hij tegen betaling stukken mocht schrijven over zijn reis naar Marseille. Door zijn overtuigingskracht gingen ze akkoord. ‘Je moet overtuigd zijn van je idee, van je droom. Dan straal je dat uit en gaat de rest bijna vanzelf. Toen ik begon met de stukken schrijven, dacht ik dat het over politiek moest gaan omdat NRC lezers intelligent zijn en daarover willen lezen. Pas toen ik dichter bij mezelf bleef, kreeg ik positieve reacties.’

De groep is leergierig, we willen meer weten. Hoe gaat Raoul bijvoorbeeld met een writer’s block om? ‘Ga naar buiten, maak een lange voetreis. Of, als je daar geen tijd voor hebt, loop dan van Rotterdam naar Vlaardingen. Kook iets lekkers voor jezelf en ga daarna weer schrijven. Dan lukt het meestal wel. Wat ik ook doe, is van die zelfhulpboeken doorwerken.’

Dan is het mijn beurt. ‘Wat is jouw beste schrijftip?’ vraag ik. Zijn antwoord verrast me: ‘Ik hou niet van schrijftips, want ik heb er een hekel aan als anderen me vertellen hoe het moet. Wel heb ik veel geleerd van een detectiveroman. Het had allemaal korte hoofdstukken met cliffhangers aan het einde, zodat ik door wilde lezen. Door die hoofdstukken te bestuderen, leerde ik hoe ik ervoor kan zorgen dat lezers meer willen.’

Dit is een beschrijving van de schrijfworkshop die schrijver Raoul de Jong gaf voorafgaand aan de uitreiking van Write Now! 2014 Rotterdam.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.