Schrijven begint niet met zin hebben, maar met vijfhonderd woorden

Veel schrijvers worstelen met hun schrijfritme. Niet met het ritme zelf, maar met het opbrengen van de discipline om je er ook echt aan te houden. Ik zag het in de reacties op mijn blogvoornemens en ik zie het op andere blogs. De Amerikaanse schrijver Jeff Goins zag het ook en besloot er iets aan te doen: zoveel mogelijk schrijvers motiveren om dagelijks te schrijven.

[heading margin_top=”14″]Elke maand een kort verhaal of elke dag vijfhonderd woorden?[/heading]

Hoewel ik me zelf ook schuldig maak aan onregelmatig schrijven, pleit ik voor een ritme. Ik las ooit een interview met schrijver Ian McEwan uit de prachtige interviewreeks van The Paris Review. Daarin vertelde hij dat hij elke maand een kort verhaal schrijft en perfectioneert, voor hij aan een volgende begint. Een kort verhaal heb je al gauw geschreven, want het omvat alle fictie variërend tussen een paar honderd woorden en een paar duizend.

Het leek me een haalbaar doel, dus probeer ik sindsdien elke maand een kort verhaal te schrijven. De ene keer gaat het over mijn vroege angst voor het diepe (ja, echt), de andere keer over het routineuze werk van mensen die in de kiosk op het treinstation werken en soms kies ik een thema, zoals kerst. Voor mij is het een haalbaar ritme.

Jeff Goins gelooft ook in het hebben van een schrijfritme, maar pakt het rigoureuzer aan: niet elke maand een verhaal, maar elke dag vijfhonderd woorden. Hij maakte het openbaar op zijn blog zodat hij er niet meer onderuit kon, en riep zijn lezers op om vooral mee te doen. Waarom?

‘What do writers do? They write, of course. There’s nothing mystical or magical about it. You just have to show up and do the work: place butt in chair, fingers on keys, and start typing.

And this is where most people fail. They never actually write a word. They talk about writing, think about writing, even read about writing. But they do not write.’

– Jeff Goins

Omdat je, om jezelf schrijver te kunnen noemen, moet schrijven. Een schrijver schrijft. Het klinkt logisch, maar de discipline, inspiratie, creativiteit, concentratie, aandacht; wat je ook nodig hebt om te kunnen schrijven, is soms ver te zoeken. Om zichzelf en anderen te motiveren richtte hij voor deze uitdaging een Facebook groep op en vroeg hij of iedereen die tijdens de uitdaging zou bloggen een link wilde achterlaten.

[heading margin_top=”14″]Knap, als je alleen schrijft wanneer je zin hebt[/heading]

Ik was benieuwd hoeveel bloggers (let op: nog niet eens alle deelnemers, alleen de bloggers) meedoen aan de uitdaging en keek naar het rijtje met links. Het aantal blogs dat daar staat, is bizar. 972. Bijna duizend schrijvers die een maand lang dagelijks vijfhonderd woorden schrijven. Wauw. Als je het niet gelooft – wat ik best kan begrijpen – kun je het artikel lezen en naar de links scrollen.

.. Gezien? Bizar, hè.

Ik begin er niet aan, vooral omdat ik de zelfopgelegde druk van NaNoWriMo nog voel wanneer ik eraan denk. Ik sla deze uitdaging even over, maar ik vind het wel bewonderenswaardig. En nodig, ook. Ik zie om me heen en op internet veel gelegenheidsschrijvers. Schrijvers die alleen schrijven wanneer ze zin hebben. Ik vind dat knap, als je alleen schrijft wanneer je zin hebt. Ik heb namelijk nooit zin.

Beginnen met schrijven begint niet met zin hebben. Voor mij begint het met een bepaalde instelling (‘Ik ga dit doen, hoe hard de kat ook miauwt dat ik hem aandacht moet geven of hoe lang de postbode ook aanbelt om me af te leiden.’), een kop koffie, een leeg scherm en een paar vingers die ik voorzichtig op het toetsenbord plaats. Als ik er na een paar minuten in zit, dan komt de zin pas.

Als je elke dag vijfhonderd woorden schrijft, ontwikkel je een ritme. Als je dat een maand lang doet, ontwikkel je een routine. Als je die routine erin houdt, wordt het na een tijdje een onmisbaar onderdeel van je dag. Misschien krijg je er zelfs wel zin in.

Ik daag alle gelegenheidsschrijvers uit het te proberen.

Heb jij moeite met het vinden van een schrijfritme?

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Arjan van den Berg

    Wat, heb je nooit zin om te schrijven?;-) Heb je nooit dat je iets meemaakt of een bepaalde gedachte hebt, dat je denkt: hier moet ik even voor gaan zitten zodat ik het voor mezelf kan verwoorden en/ of met anderen kan delen? Voor mij moet schrijven wel leuk blijven en vaak heb ik wel zin om te schrijven, ‘dus’ een echt ritme heb ik niet. Ik heb op m’n blog nu wel twee rubrieken waar ik elke week een aflevering van wil schrijven, zodat ik in elk geval twee keer in de week schrijf, naast het bloggen voor andere sites, het creatief schrijven van mailtjes en verhalen voor schrijfwedstrijden.

    Schrijven is voor mij een manier van informatieverwerking (waarbij informatie ook gedachten, indrukken en gevoelens zijn). Schrijf ik niet, dan blijft m’n hoofd vol of blijven al die fantasierijke invallen in m’n hoofd zitten wachten tot ze worden verwoord. De NaNoWriMo ging me goed af. Kortom: ik kan best de discipline op brengen, maar als dat niet hoeft, zie ik de ‘zin’ er niet van in en gaat de lol er voor mij een beetje af. Schrijven doe ik ‘automatisch’ toch wel, ook zonder ritme.

  • Noa Meijer

    Ik denk dat ik ga proberen om iedere woensdagavond te schrijven. Zodat ik iedere week schrijf, want iedere dag komt er niet van. Daarbij heb ik gelukkig meestal wel zin, maar geen tijd…

  • Lilith_8

    Zoals Arjan zegt: Heb jij inderdaad nooit zin om te schrijven? Dat is ook vervelend.. Ik heb dikwijls zin, maar ik doe het dan niet, wat minstens even vervelend is.
    Ik moet ook zeggen dat ik die challenges niet goed begrijpt: hoe kan elke dag 500 woorden op een blog gooien helpen om een betere schrijver te worden? Een blogstem is toch niet gelijk aan een fictiestem? Zo’n challenge lijkt me alleen interessant als je ofwel van plan bent om non-fictie te schrijven, ofwel als je elke dag fictie schrijft op een blog. Of zie ik daarbij iets over het hoofd?