Waarom het ene boek succes heeft en het andere niet

Schrijven is hip. Dat was de strekking van de debatavond in theater De Balie die ik op donderdag eenentwintig februari bijwoonde. Mijn generatie schrijft omdat het leuk staat op je naamkaartje. Hoewel ik ervan overtuigd ben dat dat niet voor elke jonge schrijver geldt, kan ik niet ontkennen dat een groot gedeelte er wel zo over lijkt te denken. Schrijven om het schrijver zijn. Tegenwoordig is het eerder norm dan uitzondering.


Schrijven omdat er iets in je binnenste borrelt dat eruit moet of schrijver willen worden omdat de titel je leuk lijkt. Zoveel schrijvers, zoveel intenties. Welke intenties de schrijver ook heeft, als het boek verschijnt ligt het tussen alle andere boeken in de boekwinkel. De schrijver die schrijft met een boodschap, met een diepere betekenis, ligt naast de schrijver die alleen een leuk zakcentje wil verdienen. Naast de schrijver die een boek schreef om iets van zichzelf in de wereld achter te laten. Naast de schrijver die zo’n boek wel leuk vind staan op zijn cv. Het zijn schrijvers waarbij schrijven niet meer dan een middel is geworden om een ander, hoger doel te bereiken. Na een tijdje verplaatsen de boeken zich. De schrijvers die schrijven voor een mooi naamkaartje, voor erkenning en als bijverdienste, komen terecht op de tafel die middenin de winkel staat. De tafel waar de bestverkopende boeken uitgestald staan, de tafel die opvalt en de aandacht trekt. De boeken waar een diepere betekenis in verborgen ligt, verdwijnen naar een kast ergens achterin de winkel. Ze zijn te zwaar, te confronterend voor de lezer die leest om vermaakt te worden in plaats er iets van te willen leren.

Toch heeft die eerste groep schrijvers, waarvan de boeken naar een plek achterin verdwijnen, het beter voor elkaar. Ze zijn niet bezig met het wat en hoe, maar met het waarom. Vragen als ‘wat moet ik schrijven om de massa aan te spreken?’ ‘hoe kan ik ervan leven?’ en ‘hoe zorg ik ervoor dat mijn boek een bestseller wordt?’ beheersen hun gedachten niet. Zij richten zich op het waarom. ‘Waarom wil ik dit boek schrijven?’ ‘Waarom vult dit boek de reeds geschreven boeken aan?’ ‘Waarom moet deze boodschap de wereld bereiken?’ Mocht het boek goed verkopen, dan is dat mooi meegenomen. Niet vanwege het geld of de erkenning, maar omdat hun boodschap dan meer mensen bereikt. Een paar weken na het verplaatsen van de boeken, worden de bestsellers van de tafel gehaald. Ze zijn gedateerd, het vermakelijke is ervan af. De mensen hebben het nu wel gezien, ze willen iets nieuws. De eens zo populaire boeken verdwijnen uit het assortiment om plaats te maken voor nieuwe eendagsvliegen.

De boeken van de ‘waarom’-schrijvers blijven achterin de winkel staan. Wellicht worden het nooit bestsellers. De schrijvers zullen misschien nooit genoeg verdienen om van het schrijven te kunnen leven. Maar dat maakt hen niet uit, want ze verspreiden hun boodschap. Ze hebben het vermaken van de massa niet als doel, maar het confronteren en onderwijzen ervan. Ze blijven een leven lang in de boekwinkel. Niet om op korte termijn succesvol te zijn, maar om zoveel mogelijk lezers te bereiken en te inspireren. Zelfs als daar eeuwen overheen gaan. Ironisch genoeg zijn dat vaak juist de boeken die jaren later de boekenlijsten van scholieren domineren en echt succes krijgen. Dan is de intentie erachter ineens allesbepalend.

Simon Sinek weet het verschil tussen de ene intentie en de andere op treffende wijze duidelijk te maken.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Zelf vind ik het heel mooi om je dit te realiseren, eigenlijk. Dat juist de hele kritische boeken die later onze tijdsgeest zullen definieren, op dit moment waarschijnlijk geen bestsellers zijn. Je ziet het zo vaak in de geschiedenis, dat nu heel gewaardeerde auteurs vroeger compleet verguisd werden. Toch vraag ik me af wie het ‘beter voor elkaar’ heeft, hoor. Want als je intentie is om te kunnen leven van het schrijverschap, in deze tijd, dan kan je beter een keuze maken voor wat ‘populistischere’ literatuur. Ik denk dat er simpelweg verschillende soorten schrijvers zijn, en dat is ook goed. 🙂

  • Ik vind het jammer als mensen schrijven om zich maar schrijver te kunnen noemen. Ik heb zelf een columnbundel uitgegeven en binnenkort komt de tweede uit, maar toch kijk ik wel uit om mezelf de titel ‘schrijfster’ toe te bedelen, want wanneer ben je dat nu eigenlijk?

  • joten

    ik begin echt te denken dat er twee soorten schrijvers zijn: de vakman en de kunstenaar.
    en die zijn er waarschijnlijk al altijd, mijn euro valt gewoon weer een laat zoals meestal 🙂

  • Ik vind dat altijd een beetje frustrerend, dat goede boeken zo weinig gelezen worden. Zelfs àls ze na de dood nog blijven bestaan en op de literatuurlijst komen van studenten, dan nog blijft de vraag of het boek ooit meer (vrijwillig) gelezen wordt dan pakweg 50 Tinten.
    De laatste weken moet ik altijd een beetje huilen als ik aan de Standaard Boekhandel passeer. De top tien bestaat voor 80% uit “mommy porn” zoals ze dat noemen: de drie delen van 50 tinten, gevolgd door dromen van Elise en nog iets met Geneviève, pffft…

  • Daar heb je een punt! Toch lijkt me dat je ook moet nadenken over de vraag hoe je als schrijver herinnerd wil worden. Wil je dat mensen je naam verbinden aan een trilogie als Vijftig Tinten Grijs (omdat dat nu eenmaal goed verkoopt) of aan een wat ‘stoffiger’ boek dat echt ergens over gaat? Dat laat maar zeggen een diepere laag heeft dan alleen de seks. Er zijn ook artiesten die miljoenen verdienen door liedjes te zingen die niet echt ergens over gaan, maar moet je dat willen?

    Bedankt voor je reactie!