Wanneer je lezers gezichten krijgen, is schrijven doodeng

Tweeëntwintig nieuwe volgers op Twitter, vijf Facebook likes en tweehonderd-tweeëndertig unieke bezoekers. Dat is wat het oplevert wanneer je blog in de populaire Twitterchat #blogpraat besproken wordt.

[heading margin_top=”14″]Door angst stel je het schrijven uit[/heading]

En bruikbare feedback (‘Dat logo is te zakelijk!’ ‘Wat stelt het voor?’ ‘Een Moleskine opschrijfboekje?’ ‘Echt niet!’), complimenten waardoor je giechelt als een verliefd pubermeisje dat net een sms’je met een ‘X’ eronder heeft ontvangen en aardig wat zelfvertrouwen.

Dus schoof ik vanochtend achter mijn bureau om een blog te tikken voor mijn nieuwe volgers. Dacht ik, want ik stond weer op. Ik moest nog koffie zetten, controleren of de kat genoeg water had, het raam openzetten, de oninteressante sportpagina van de Telegraaf lezen en mails beantwoorden.

In mijn mailbox vond ik een mail van een jongen die schreef dat hij zijn verhalen aan niemand liet lezen, omdat dat te eng was. Ik klikte op ‘beantwoorden’ en wilde schrijven dat iedere schrijver die angst kent, tot ik me iets realiseerde: ik voelde die angst zelf.

Sitenaamgenoeg

[heading margin_top=”14″]De mening van je lezers wordt ineens belangrijk[/heading]

Iedere schrijver wil gelezen worden, maar tegelijkertijd is dat doodeng. Het is zenuwslopend om op recensies te moeten wachten, om gezichtsuitdrukkingen van mensen te zien wanneer ze zich door jouw verhaal worstelen en de eerste reacties te moeten aanhoren.

Omdat volgens oud (bijna antiek) onderzoek één op de honderd lezers op een blog reageert, is bloggen minder eng. Tot je ineens wél reacties krijgt en merkt dat er collega-bloggers of zelfs onbekende Twitteraars zijn die een mening over jouw stukken hebben. En je ook nog volgen.

De voorheen onzichtbare lezers die nooit reageerden, hebben ineens gezichten, namen en zelfs stemmen. Dan vraag je je af: wat vinden die tweeëntwintig volgers en tweehonderdtweeëndertig bezoekers van dit stuk?

Misschien klopt het dan toch dat iedere schrijver die angst kent. En als dat zo is, is bloggen blijkbaar echt de beste manier om je op het schrijver zijn voor te bereiden.

Het is zelfs net zo eng.

Gepubliceerd door

Rosalinde Markus

Rosalinde Markus (1994) is communicatiestudente en heeft al zolang ze zich kan herinneren een passie voor schrijven. Haar blog is een openbaar notitieboekje over schrijven, bloggen, creativiteit en wat haar opvalt in het communicatievak. Ook is ze hoofdredacteur van online literair tijdschrift Lood.

  • Lot de Wit

    Oe, ja die angst ken ik ook. Het is helemaal niet leuk, helemaal niet handig, maar het is er toch. Ik heb een tijd, en soms nu nog, gehad dat ik zelfs niet voor mezelf wilde schrijven, in een boekje. Omdat ik angst had om het later terug te lezen. Tjah, angst…
    (En ik ben één van je nieuwe volgers, maar op een andere manier gevonden.)

    • Linda Rosalinde Markus

      Toch zeggen sommige schrijvers dat je pas iets goeds begint te maken wanneer je over die angst heen stapt. Leuk, bedankt voor het volgen! 🙂

  • lindakwakernaat

    Vond je het leuk? De blogreview?
    Je schrijft toch om gelezen te worden?

    • Linda Rosalinde Markus

      Hi Linda! Ja, ik vond het ontzettend leuk. Ik zat op dat moment in de trein vanuit Amsterdam en bekeek alle feedback glunderend. Ongelofelijk dat er zoveel bloggers waren die hun mening wilden geven, gaaf!

      Natuurlijk schrijf je om gelezen te worden (tenminste, ik wel). Maar cijfertjes die je vertellen hoe vaak een artikel gelezen is, zijn minder confronterend dan reacties van ‘echte mensen’, als je begrijpt wat ik bedoel. Tijdens blogpraat kwam ik ineens in aanraking met behoorlijk wat stille lezers en hoewel dat natuurlijk fantastisch is, is het ook eng. Je realiseert je beter dat je voor echte mensen aan het schrijven bent die allemaal een mening erover hebben.

      Al is dat ook wat het juist zo leuk maakt. 🙂

  • Sylvia van Bergen

    Herkenbaar wel 🙂
    Angst houdt je scherp, zo denk ik altijd maar!

    • Linda Rosalinde Markus

      Dat is ook een goeie om in gedachten te houden! Bedankt, Sylvia. 🙂

  • Dagmar Valerie

    Wat een fijn artikel. Ik heb je blog inderdaad ontdekt door ‘blogpraat’, maar ik ben heel blij dat ik je blog nu kan volgen. Je schrijft hele interessante stukken die herkenbaar zijn en daarnaast heb je een heerlijke schrijfstijl. Je hoeft in ieder geval niet bang te zijn voor deze reactie, want mijn gezichtsuitdrukking blijft een glimlach van het begin tot aan het einde van dit artikel. Super!

    • Linda Rosalinde Markus

      Wauw, bedankt, Dagmar! Leuk dat je me volgt, nieuwe lezers zijn altijd welkom.

  • Renze

    Dat onderzoek is denk ik niet echt toepasbaar op blogs. Misschien wel op sites als nu.nl, omdat die voornamelijk bedoelt zijn om te lezen, maar blogs zijn juist heel erg uitnodigend in reageren. En ook: hoe kleiner een blog, hoe groter de kans dat de reactie in je hoofd uniek is en dus hoe groter de kans dat je reageert. (Hierbij ga ik er vanuit dat mensen op grote blogs niet als 100e gaan reageren met eenzelfde soort reactie.)

    • Linda Rosalinde Markus

      Het onderzoek is juist vooral gericht op weblogs. Je zou sites als Telegraaf.nl of nu.nl ook als blogs kunnen zien, theoretisch gesproken, doordat de berichten elkaar in chronologische volgorde opvolgen, rond één onderwerp (nieuws, al is dat wel heel breed) en er een reactiemogelijkheid is.

      Het lijkt me interessant als er weer nieuw onderzoek naar gedaan zou worden, omdat ik denk dat de cijfers nu wel anders zullen zijn. Vooral omdat bloggen nu minder nieuw is en wat meer geaccepteerd. Misschien heb je wel gelijk, dat een massale hoeveelheid reacties eerder afschrikt dan uitnodigt. Interessant!